Biotoop: Broedt vooral in uitgestrekte, oude, rustige bossen in nabijheid van moerassen, poelen, beken of rivieren, bij voorkeur in heuvelachtig gebied. Nest van takken hoog in boomkruin.

Voorkomen: In Europa zomergast, trekt in oktober naar Afrika. In BelgiĆ« en Nederland doortrekker in uiterst klein aantal – wintergast in uiterst klein aantal.

Broedtijd: Mei – augustus, nest hoog in de bomen, 3 – 5 eieren.

Kenmerken: Lengte 90 – 105 cm, spanwijdte 173 – 205 cm, gewicht 3000 gram, leeftijd 18 jaar.

Voedsel: Waterinsecten, vissen, amfibieen.