Biotoop: Pioniersmilieu, De Tengere Grasjuffer is vaak een van de eerste libellen die nieuw aangelegde poelen, afgravingen en leemkuilen koloniseert. Na enige jaren verdwijnt hij dan weer. Individuele dieren kunnen vermoedelijk vele tientallen kilometers afleggen. Men wordt op de aanwezigheid van de Tengere Grasjuffer vaak opmerkzaam gemaakt door de opvallend oranje gekleurde vrouwtjes.

Voorkomen: De Tengere grasjuffer komt voor in grote delen van Europa, met uitzondering van het Noorden. Ze is aanwezig van het Iberisch Schiereiland tot Noord – Duitsland en Centraal – Polen. Er zijn enkele verspreid liggende vindplaatsen in Ierland en het zuidwesten van Engeland. In België vrij zeldzaam. In Nederland vrij algemeen, vooral op zandgronden en in de duinen.

Vliegtijd: Mei – augustus.

Kenmerken: Lengte 29 – 30 mm, vleugelspanwijdte 30 – 35 mm. Zeer opvallend zijn de verse oranje gekleurde vrouwtjes, die al kunnen paren. De felle kleuren verliezen ze een paar dagen na het uitsluipen. Blauwe vrouwtjes worden niet vaak waargenomen.

Ontwikkeling: De larven houden zich op in de vegetatie. Ze sluipen een jaar na de eiafzet uit, maar in warme klimaatgebieden kunnen twee generaties per jaar elkaar opvolgen.