Biotoop: Het leefgebied bestaat uit vochtig terrein met lang gras in de buurt van water.

Voorkomen: In Spanje en Portugal is de soort per ongeluk geïntroduceerd en daar vormen zich nu verwilderde populaties die zichzelf in stand kunnen houden. De Zwartkopwever is oorspronkelijk een Afrikaanse broedvogel.

Broedtijd: Half april tot eind juni, het mannetje bouwt een kogelrond tot uivormig nest in overhangende grasstengels of twijgen, vaak 2 m boven het water, 4 tot 6 eieren.

kenmerken: Lengte 14 cm, spanwijdte 20 – 23 cm, gewicht 20 gram, leeftijd 3 jaar.

Voedsel: Hij is een alleseter en zijn dieet varieert afhankelijk van het seizoen en de beschikbaarheid van het voedsel. In het broedseizoen vooral insecten, buitenbuiten bessen en andere vruchten.