Biotoop: Heidevelden met dicht struikgewas, maquis of garrigue.

Voorkomen: Standvogel in ZW – en C Z – Europa tot ZW Groot –  Brittanië.

Broedtijd: April – half juni – nest meestal in heide, ondoordringbare doornstruiken, tamarisken, kersteiken en dergelijke, 3 – 5 eieren.

Kenmerken: Lengte 12,5 cm, spanwijdte 15 – 18 cm, gewicht 9 – 12 gram, leeftijd geen gegevens gevonden.

Voedsel: Zoals bij alle grasmussen insecten, met als aanvulling bessen.