Biotoop: Grazige, bloemrijke plekken met struiken. Vochtige of droge, grazige open plekken in bossen of langs bosranden.

Voorkomen: Het Tweekleurig Hooibeestje is wijdverbreid in de bosrijke gebieden van een groot deel van Europa, maar ontbreekt op de Britse eilanden en in Zuid-Spanje. In België alleen in het zuidoosten van het land. In Nederland uitgestorven.

Vliegtijd: Eén generatie, midden mei – midden augustus, ze verschijnen gedurende lange periode.

Kenmerken: Spanwijdte 28 – 35 mm

Levensloop: Waardplanten van de Familie Grassen Poaceae, zoals Gevinde kortsteel (Brachypodium pinnatum) en Gestreepte witbol (Holcus lanatus). Het vrouwtje zet de eieren één voor één of in kleine groepen af op bladeren van grassen. De soort overwintert als halfvolgroeide rups. De vlinder zuigt nectar van bloemen, zoals klaver en distels, enz.