Biotoop: Divers. komt in de meeste biotooptypen voor. Vrij open en meestal droge gebieden, zoals schrale plekken op de zandgronden in graslanden, heidevelden, tuinen en bermen. Ook in moerassen en op vochtige heiden.

Voorkomen: In Europa wijdverbreid en algemeen. Canarische eilanden, ten zuiden van de poolcirkel tot op alle grotere mediterrane eilandengroepen. Ontbreekt op Hebriden, Shetland en Orkney eilanden. In België en Nederland is de Kleine Vuurvlinder een algemene en wijdverspreide vlinder.

Vliegtijd: Drie generaties. Eind april-half juni, eind juni-begin oktober en begin september-eind oktober.

Kenmerken: Spanwijdte 22 – 27 mm.

Levensloop: Waardplanten Rumex – soorten: schapenzuring, veldzuring. Het vrouwtje legt haar eitjes op de onderkant van de bladeren van de waardplant. De rupsen voeden zich met planten uit de zuringfamile. De rups overwintert als half volgroeide rups, meestal in het tweede, derde of vierde stadium. De rups verpopt zich in een losse cocon in de strooisellaag of op de waardplant zelf. De vlinder leeft relatief kort en voedt zich met nectar van diverse kruiden.