Biotoop: Meestal langs kusten, zand – en kiezelstranden. Soms in het binnenland, maar broedt in sommige streken op eilandjes in rivieren.

Voorkomen: In europa zomergast in afnemend aantal langs kusten. In België en Nederland schaarse broedvogel – wegtrekkend – doortrekker in klein aantal.

Broedtijd: Mei – juli, nest meestal op droog zand – vaak in los kolonieverband met soortgenoten, andere Sterns of met Strand –  en Bontbekplevieren, beide ouders broeden vanaf het eerste ei, 2 tot 3 eieren

Kenmerken: Lengte 21 – 25 cm, spanwijdte 47 – 55 cm, gewicht 47 – 63 gram, leeftijd 23 jaar.

Voedsel: Dwergsterns ‘bidden’ vaak lang op 5 – 6 m hoogte, waarna ze verticaal in het water stoten en soms volledig onderduiken. Zelden missen ze hun doel. De prooi wordt in de lucht doorgeslikt.