Biotoop: De Ijsvogel voedt zich met waterorganismen, zijn aanwezigheid is dus gebonden aan water. Hij komt voor op vijvers, plassen, meren, rivieren, stromen en kanalen die niet of weinig vervuilt zijn. Vooral buiten de voortplantingsperiode wordt hij ook waargenomen langs de kust en aan stroommondingen. Tijdens het broedseizoen vestigen de adulte vogels zich langsheen visrijke waterlopen of vijvers nabij geschikte plaatsen om hun nestgang te graven(steile oevers).

Voorkomen: Zomer geheel Europa, behalve Noord. In de winter west, centraal en zuid – Europa. In België en Nederland schaarse tot vrij schaarse broedvogel – jaarvogel – wintergast in klein tot vrij klein aantal.

Broedtijd: Maart -augustus, broedt in zelf gegraven holten in de grond, 6 – 7 eieren.

Kenmerken: lengte 17 -19,5 cm, spanwijdte 24 – 26 cm, gewicht 34 – 44 gram, leeftijd 21 jaar.

Voedsel: kleine vissen, kleine kikkervisjes, insecten.