Biotoop: Broedt in hoge bosjes en in open bebost terrein met dicht struikgewas, plaatselijk ook in middelhoge vegetatie, soms in tuinen of boomgroepen in nabijheid van bebouwing.

Voorkomen: Gehele jaar van ZW tot ZO Europa. Voornamelijk standvogel. Dwaalgast in België en Nederland.

Broedtijd: April – juni. Het nest bestaat uit takjes, droge stengels, gras en wortels en het ligt in de struiken op enige afstand boven de grond. De 3 – 5 geelwitte eieren, sterk roestbruin gevlekt.

Kenmerken: Lengte 13 – 14 cm, spanwijdte 18 – 22 cm, gewicht 12 – 25 gram, leeftijd 8 jaar.

Voedsel: In het broedseizoen eten kleine Zwartkoppen insecten, spinnen, bessen en andere kleine vruchten.