Biotoop: Dichte oevervegetatie met bomen en struiken om overdag in te rusten. Langs rivierbedden, rivieroevers en sloten.

Voorkomen: Wijdverspreid, maar zeer lokaal, zomergast in Zuid – Europa. Leeft in groepen en is vooral in de schemering actief. In België en Nederland uiterst schaarse broedvogel – jaarvogel – gedeeltelijk wegtrekkend – wintergast in uiterst klein aantal.

Broedtijd: Mei – augustus, nest in bomen en struiken, 3 – 5 eieren.

Kenmerken: Lengte 58 – 65 cm, spanwijdte 90 – 100 cm, gewicht 500 – 800 gram, leeftijd 16 jaar.

Voedsel: Amfibieën, vissen, ongewervelde dieren.