Biotoop: Zoute lagunes, meren en riviermondingen

Voorkomen: Toenemend aantal gevallen in N – Africa en Z – Europa, er zijn vaak broedgevallen in Frankrijk, Italië en Spanje. Bij waarnemingen in België en Nederland en elders in N – Europa werd tot nu toe aangenomen dat het vogels van niet wilde herkomst betrof.

Broedtijd: Flamingo’s hebben geen vast broedseizoen , omdat broeden sterk afhankelijk is van de hoeveelheid regenval, die hoog genoeg moet zijn om voldoende voedsel te kunnen leveren. Flamingoparen zijn monogaam en beide ouders helpen bij het bouwen van een vulkaanvormig nest, waar ze één ei leggen dat ze vervolgens ongeveer 28 dagen uitbroeden.

Kenmerken: Lengte 110 – 180 cm, spanwijdte 140 – 170 cm, gewicht 2 – 4 kg, leeftijd: kunnen tientallen jaren oud worden.

Voedsel: Eten kreeftjes, garnalen en algen die in de modder en in het water leven. Bij het zoeken naar eten gebruiken ze hun lange poten om modder om te woelen. Uit een mengsel van water en modder filteren ze het voedsel met hun kromme snavel.